Het is bewezen dat de mensen, van zodra ze in de loop der geschiedenis bewust werden van
zichzelf, zich gingen interesseren voor het versieren en schikken van hun uiterlijk. We hebben steeds gezocht naar manieren om onszelf
te veranderen, zowel om ons te camoufleren tijdens de jacht als om ons woester te maken voor onze vijanden of voor roofdieren en zelfs
om aantrekkelijk te zijn voor het andere geslacht.
Eén van de methodes om dit te doen was het vinden van manieren om het haar te kleuren en te
versieren. Archeologen hebben ontdekt dat de eerste mensen mineralen, planten en insecten gebruikten om hun lichaam en haar te
schilderen om aan te trekken of af te stoten. Er is ook bewijs van rond 1500 vóór Christus dat de Egyptenaren henna toepasten als
haarkleurmiddel. Doorheen de geschiedenis vinden we weerklanken hiervan, want de kleur van het haar werd steeds als iets belangrijks
aanschouwd voor verschillende redenen en op verschillende manieren.
De afzonderlijke kleur en de indrukken daarmee verbonden toonden aan dat kleuren veranderd
zijn doorheen de geschiedenis, maar ze zijn een interessant thema wanneer we de bijbetekenissen en associaties in verband met haarkleur
tegenwoordig beschouwen.
Haarkleurhoudingen:
Door de eeuwen heen werd de haarkleur belangrijk geacht in verschillende tijdperken en de
betekenis die aan de kleuren verbonden werd, veranderde naarmate de tijd vorderde. Er waren specifieke tijdperken waarin rood haar een
culturele en sociale betekenis had (en zelfs een beetje een demonische betekenis volgens sommigen), terwijl in andere periodes blonde
mensen hoog op de sociale ladder stonden.
Hieronder vindt u enkele voorbeelden van de specifieke onderscheidingen die haarkleur gehad
heeft in de loop der jaren.
De Galliërs (1ste eeuw vóór Christus) stonden erom bekend dat ze hun haar rood verfden als
teken van klasse en stand.
In de vroege middeleeuwen werd gedacht dat rood haar een teken was van hekserij. Dit was
vermoedelijk omdat rood haar veroorzaakt wordt door een genetische mutatie en het eerste gedocumenteerde geval van iemand die geboren
was met rood haar dateert van rond deze periode in Schotland.
Jaren later was koningin Elizabeth verantwoordelijk voor een verandering van indruk, want
haar roodbruine haar werd geïmiteerd als een weerspiegeling van haar koninklijke status.
Op een bepaald moment werd geel of blond haar gedragen (beslist bij wet) door “vrouwen van
de nacht” en vrouwen met aanzien gebruikten plantenextracten en mineralen om hun haar donkerder te maken. Er is echter ook bewijs dat
op het moment dat haarstyling geïntroduceerd werd in de Romeinse maatschappij (300 vóór Christus), vrouwen van adel hun haar rood
verfden, vrouwen uit de middenklasse kozen voor blond en arme vrouwen hun haar zwart kleurden.
Tijdens de renaissance verkozen vrouwen goudkleurig en blond haar omdat dit een engelachtige
bijbetekenis had. Venetiaanse vrouwen droegen hoeden zonder top met brede randen en ze trokken hun haar door de bovenkant en legden
het gelijkmatig op de randen. Het haar werd dan bewerkt met een mengeling van aluin, honing en zwavel om het bleken door de zon te
bespoedigen.
En natuurlijk kennen we allemaal de Hollywoodsensatie van blondjes die het woord “sexy”
definieerden voor een heel tijdperk mannen (en vrouwen). Weinigen waren van nature blond, de meesten hadden bleekmiddel nodig om
beroemd te worden.
Door de jaren heen werd in ruime mate aandacht gegeven aan blondjes en aan roodharigen, wat
sommigen doet denken dat dit de geliefde kleuren waren door de eeuwen heen. Aan de andere kant vertegenwoordigen brunettes 60 % van de
wereldbevolking en alhoewel zij misschien niet dezelfde sociale reputatie hadden als blondjes en roodharigen, is er voor hen steeds de
grootste keuze aan schakeringen geweest. Vroege haarkleuringen – henna, indigo, salie en kamille – konden enkel het haar donkerder
maken.
Aangezien de donkerste tinten van bruin het meest voorkwamen in streken zoals Azië,
Zuid-Amerika en Afrika, ontwikkelden die schakeringen voor veel Europeanen een exotische bekoring.